|
4. Een heel interressante mogelijkheid is dat zowel slendro als pelog
afkomstig zijn van een serie van 'geblazen kwints' die weer afkomstig zijn van chinese bamboepijpen. Zij worden 'geblazen kwints' genoemd om verschil te maken met de 'Europese kwints'. Volgens the Chinese muziekdeskundige Ling Hun werd de 'circle of fifths' met bamboepijpen vastgelegd na bestudering van prehistorische chinese muziek. Na twaalf rondjes zou met een Europese kwint een noot bereikt worden die ongeveer dezelfde is als de begin noot. Echter met een geblazen kwint duurt dit 23 rondjes wat de geblazen kwint dus kleiner maakt. De 'circle of fifths' zou volgens professor Hornbostel de basis zijn voor muziekschalen van Java, Bali, Centraal Africa, Birma, Brazilië, Peru etc.
5. De 'Wedha Pradangga' beschrijft een andere benadering. Het interressante aan dit werk zijn de mondelinge overleverings bronnen. |
|
|
De'Wedha Pradangga'
De'Wedha Pradangga' is samengesteld door Kangjeng Raden Tumenggung Warsadiningrat en bevat veel informatie over de traditionele kunsten in de omgeving van Surakarta. De bronnen voor dit
boek komen uit vele andere boeken (Pustaka Raja, Sasadara etc.) maar ook uit gesprekken met anderen die de karawitan bestuderen. Kangjeng Raden Tumenggung Warsadiningrat was een musicus in de kraton van Surakarta. Hij begon te
spelen in 1832 en verkreeg gedurende zijn muzikale carriere aan het hof een aantal zeer hoge titels waaronder die van 'raden' , 'panewu' en 'bupati anom'. Zijn verrichtingen als vooraanstaand hofmuzikant omvatten onder andere
the oprichting van de 'Pananta Dibya' die de moederorganisatie werd voor alle andere organisaties die zich bezig hielden met Javaanse kunst in Surakarta. Hij was verantwoordelijk voor de standaards in de wayang (sulukan)
en mede verantwoordelijk voor standaards in de uitvoering van cengkok voor rebab en gender. Al deze standaards worden tegenwoordig nog steeds gebruikt.
Volgens de 'Wedha Pradangga' wordt de eerste
gamelan gecreëerd door Sang Hyang Guru toen deze koning werd van Java. Zijn koninkrijk heette Medhang Kamulan. De gamelan werd gemaakt in het jaar 167 Saka (245 A.D.) en kreeg de naam lokananta.
Deze gamelan bestond uit slechts vijf instrumenten. 1.Kemanak 2.Kethuk 3.Kenong 4.Kendhang 5.Gong Op deze gamelan werd waarschijnlijk gendhing kethuk kenong gespeeld en
dus is deze gamelan niet dezelfde als de gamelan kodhok ngorek die pas in 1223 A.D. werd gemaakt.
In het jaar 334 A.D. werd de bedhaya
'ontvangen'. Een prachtige uitstraling als een juweel kwam neer op het koningrijk van de god Endra (Indra). Deze uitstraling werd aanbeden door de goden en getransformeerd tot zeven nymphen. De goden vroegen deze nymphen om te dansen terwijl ze in de hemelse zee liepen. Daarna werden ze verteld om de
bedhaya uit te voeren. Dit betekent : dansen in rijen begeleid door de gamelan lokananta. Dit was de oorsprong van de bedhaya op Java. De eerste bedhaya
werd rond 622 A.D. geinstitutionaliseerd door de Javaanse koningen. Er werden uitsluitend beeldschone maagden geselecteerd om deze nymphen voor te stellen.
In het jaar 365 A.D. werd een gamelan gemaakt door Sang Hyang
Endra. Deze gamelan kreeg de naam surendra en werd al snel slendro genoemd in de volksmond. Slendro en pelog zijn de twee toonschalen in de gamelan. Deze gamelan surendra bestond uit
rebab, kendhang, kethuk, kenong en gong. In 414 A.D werd de gamelan uitgebreid met kempul en gambang
en geschonken aan Purwa Carita, een goddelijke koning. Tijdens deze periode werden de eerste stukken nog zonder regels geschreven. Pas in 1209 werd de basis gelegd voor swara (zang) en voor gendhing
(compositie) op een manier dat ze aangenaam klonken. Prins Panji componeerde lagon (melodieën) waarbinnen een aantal beperkingen werden opgenomen voor de musici. De melodieën werden verdeeld in drie catagorieën die
later bekend werden als pathet(an): 1.Lagon van laras slendro nem of pathet nem 2.Lagon van laras slendro sanga of pathet sanga 3.Lagon van laras slendro manyura of
pathet manyura
Pathet is tot op de dag van vandaag een moeilijk te doorgronden fenomeen en ook op het hoogste niveau zijn er persoonlijke intepretaties. Een aantal voorbeelden van pathet : Pathet
wordt gebruikt om aan het begin of eind van een stuk te laten horen in welke sfeer het stuk behoort te worden 'aangevoeld'. Dit is bijvoorbeeld handig voor een zanger(es) zodat deze niet 'out of tune' is. Niet elke pathet
kan op een willekeurig tijdstip worden gebruikt. De juiste tijd van spelen, de muzikale wensen van de uitvoerenden en dus de de prettige uitstraling van het geheel op de mensen zijn vastgelegd in regels met behulp van
pathet. De overgang van de ene naar de andere pathet is dan ook zeer spannend omdat er dan opeens een andere sfeer ontstaat.
Rond 1164 A.D werden nieuwe instrumenten toegevoegd waaronder gender, demung
en saron. Vooral het toevoegen van een gender (toen nog 10 toetsen) bleek een succes en de gender nam de taak van de gambang over. De gender bleek namelijk meer in harmonie te zijn met de
gendhing (composities) dan de gambang. Naast het invoeren van nieuwe instrumenten werd door Prabu Jaya Langkara een nieuwe gamelan gecreëerd met andere intervallen. De bedoeling was een kalme laras
(toonschaal) te creëeren die zowel aangenaam, aantrekkelijk, statig, verheffend en pakkend was. Hij veranderde de intervallen die bij slendro
ongeveer gelijk zijn in kleinere en grotere afstanden. De gamelan was een groot success en de sound was bijzonder mooi en iedereen die het hoorde was erg onder de indruk. De laras werd pelag
genoemd wat neerkomt op uitzonderlijk goed, mooi, nobel. Uiteindelijk werd deze laras bekend onder de naam laras pelog. |
|